Kan niet volledig uitplassen.?

24 weergaven
Chronische urineretentie ontstaat wanneer de blaas langdurig onvoldoende leeggemaakt kan worden. Dit kan komen door een zwakke blaasspier of te strakke bekkenbodemspieren.
Reactie 0 vind-ik-leuks

Chronische urineretentie: als je niet volledig kunt uitplassen

Chronische urineretentie is een aandoening waarbij de blaas niet volledig kan worden geleegd. Dit kan leiden tot een aantal ongemakken en gezondheidsproblemen.

Oorzaken van chronische urineretentie

Er zijn verschillende oorzaken die kunnen leiden tot chronische urineretentie. Deze omvatten:

  • Een zwakke blaasspier: Als de blaasspier te zwak is, kan deze de blaas niet krachtig genoeg samentrekken om de urine uit te drijven.
  • Te strakke bekkenbodemspieren: De bekkenbodemspieren bevinden zich onder de blaas en ondersteunen deze. Als deze spieren te strak zijn, kunnen ze de uitstroom van urine blokkeren.
  • Verstoppingen in de urinewegen: Stenen, bloedstolsels of andere obstructies in de urinewegen kunnen de doorgang van urine belemmeren.
  • Neurologische aandoeningen: Zenuwbeschadiging als gevolg van aandoeningen zoals multiple sclerose of een beroerte kan de controle over de blaasspier verstoren.

Symptomen van chronische urineretentie

Chronische urineretentie kan een aantal symptomen veroorzaken, waaronder:

  • Moeilijkheden met het starten van de urinelozing
  • Een zwakke of onderbroken urinestraal
  • Het gevoel dat de blaas niet volledig geleegd is
  • Frequent urineren
  • Nachtelijk urineren (nycturie)
  • Urine-incontinentie (verlies van urine)

Diagnose van chronische urineretentie

De diagnose van chronische urineretentie wordt meestal gesteld op basis van de symptomen van de patiënt. De arts kan ook een lichamelijk onderzoek uitvoeren en vragen stellen over de medische geschiedenis van de patiënt. Er kunnen aanvullende tests worden uitgevoerd, zoals:

  • Uroflowmetrie: Een test die de snelheid en het volume van de urinestraal meet.
  • Post-mictiecystische echografie: Een echografie die de hoeveelheid urine in de blaas meet na het urineren.
  • Cystoscopie: Een procedure waarbij een dunne, verlichte buis wordt ingebracht in de blaas om deze te onderzoeken.

Behandeling van chronische urineretentie

De behandeling van chronische urineretentie is afhankelijk van de oorzaak. Behandelingen kunnen omvatten:

  • Geneesmiddelen: Geneesmiddelen om de blaasspier te versterken of de bekkenbodemspieren te ontspannen.
  • Bekkenbodemoefeningen: Oefeningen die helpen om de bekkenbodemspieren te versterken of te ontspannen.
  • Katheterisatie: Het inbrengen van een dunne buis in de blaas om de urine af te voeren.
  • Chirurgie: In sommige gevallen kan chirurgie nodig zijn om de oorzaak van de retentie te verhelpen.

Complicaties van chronische urineretentie

Als chronische urineretentie niet wordt behandeld, kan dit leiden tot een aantal complicaties, waaronder:

  • Urineweginfecties: Urine die in de blaas achterblijft, is een broedplaats voor bacteriën.
  • Blaasschade: De druk van de achtergebleven urine kan de blaas beschadigen.
  • Nierbeschadiging: Chronische urineretentie kan leiden tot een terugstroom van urine naar de nieren, wat de nieren kan beschadigen.

Preventie van chronische urineretentie

Er zijn geen gegarandeerde manieren om chronische urineretentie te voorkomen, maar er zijn enkele dingen die u kunt doen om uw risico te verkleinen, waaronder:

  • Regelmatig urineren: Urineren wanneer u de aandrang voelt, voorkomt dat de blaas overvol raakt.
  • Drink voldoende vocht: Voldoende vocht drinken helpt de urinewegen te spoelen en voorkomt urineweginfecties.
  • Vermijd het gebruik van alcohol en cafeïne: Alcohol en cafeïne kunnen de blaasspier verzwakken.
  • Doe bekkenbodemoefeningen: Bekkenbodemoefeningen kunnen helpen om de bekkenbodemspieren te versterken en hun controle te verbeteren.

Chronische urineretentie is een aandoening die uw levenskwaliteit aanzienlijk kan verminderen. Als u moeite heeft met het volledig uitplassen, is het belangrijk om medische hulp te zoeken om de oorzaak te bepalen en een geschikte behandeling te krijgen.