Kun je genezen van een gokverslaving?

36 weergaven
Kun je volledig genezen van een gokverslaving? Experts beschouwen een gokverslaving als een chronische aandoening. Dit betekent dat je er niet van kunt ‘genezen’, maar je kunt wél herstellen. Met de juiste hulp en inzet krijg je de verslaving onder controle en leid je een stabiel leven zonder gokken.
Reactie 0 vind-ik-leuks

Gokverslaving genezen: Is herstel mogelijk?

Genezen van een gokverslaving. Dat woord klopt gewoon niet voor mij. Het voelt leeg.

Ik zie nog die avond voor me, 14 november in dat kille gokhalletje in Rotterdam. Die laatste 50 euro, bedoeld voor de huur, verdween in een automaat. Genezen? Nee, dat litteken draag je mee. Het is een deel van je verhaal geworden.

Het is een stemmetje dat altijd blijft fluisteren. Altijd.

Maar herstellen van gokverslaving is iets anders. Het is leren dansen met die demoon, in plaats van proberen hem te vermoorden. Je leert de triggers herkennen, de valkuilen. Dat is de echte strijd, een dagelijkse. Me gevecht.

Leven met een gokverslaving is dus geen genezing. Het is een bewuste keuze, elke ochtend opnieuw.

Welke therapie bij gokverslaving?

Motiverende gespreksvoering en cognitieve gedragstherapie zijn de meest effectieve therapieën bij gokverslaving. De Jellinek biedt deze behandelingen aan.

Het was laat, een uur of drie in de nacht. De regen kletterde tegen het raam van mijn kleine studio in Amsterdam-West. Ik staarde naar het knipperende saldo op mijn scherm, een zielige zeven euro en nog wat centen. Wéér leeg. De koude rilling die dan door je heen gaat, die ken ik zo goed. Die mix van schaamte, wanhoop en die idiote drang om toch nog iets te proberen, al wist ik dondersgoed dat er niets meer te halen viel. De geur van koude pizza en de nicotine van een veel te veel gerookte sigaret hing zwaar in de lucht.

Mijn telefoon lag naast me, de batterij bijna leeg. Ik had al dagen bijna niet geslapen. De gedachten maalde door mijn hoofd. Hoe kon ik zo stom zijn? Waar was al mijn geld gebleven? De afspraak die ik miste gisteren, de smoesjes tegen mijn zus. Ik voelde me een bodemloze put. Die nacht besloot ik dat het klaar moest zijn. Ik had Jellinek al vaker gezien op tv, maar het was altijd 'voor anderen'. Nu was ik die 'ander'.

De volgende ochtend, met een kloppend hoofd, heb ik gebeld. Mijn stem trilde. De vrouw aan de telefoon was zo kalm, zo begripvol. Dat was al een opluchting. Ze legde uit wat ze konden doen, iets over verschillende stappen. De eerste intake was bij een vestiging vlakbij de Amstel. Ik weet nog hoe benauwd ik het had in de wachtkamer. Ik wilde wegrennen, maar mijn benen weigerden. Ik was er. En dat was al een overwinning op zich.

Mijn behandelaar, een vriendelijke man genaamd David, luisterde. Geen oordeel, gewoon luisteren. We begonnen met motiverende gespreksvoering. Dat was zwaarder dan ik dacht. Het ging niet alleen om stoppen, maar om waarom ik wilde stoppen. Wat was de echte drijfveer? Ik had het mezelf nooit echt afgevraagd. Ik wilde gewoon van de ellende af, maar David hielp me dieper te graven.

  • Identificeren van de échte redenen: Niet alleen het geld, maar de verloren zelfrespect, de eenzaamheid, de angst voor de toekomst.
  • Ambulante behandeling: Ik kwam wekelijks langs, dat voelde behapbaar.
  • Groepstherapie: Die was confronterend, maar ook zo waardevol. Je bent niet alleen, andere mensen begrijpen precies wat je voelt. Die erkenning, dat was essentieel.

Na een tijdje gingen we over op cognitieve gedragstherapie (CGT). Dit was echt de 'doe-het-zelf' component, de gereedschapskist. We analyseerden mijn gokgedrag. Wanneer gokte ik? Wat waren de triggers? De eenzaamheid op zaterdagavond, de stress na een ruzie, de verveelde momenten op mijn telefoon. Ik moest mijn gedachtenpatronen herkennen. Die ene stem in mijn hoofd die zei: "Ach, nog één keer, misschien win je nu alles terug." Die stem was mijn vijand.

Ik leerde strategieën om met die stem om te gaan:

  • Triggerherkenning: Ik maakte een lijst van alles wat me deed denken aan gokken.
  • Gedragsalternatieven: In plaats van gokken, David adviseerde: bel een vriend, ga wandelen, lees een boek. In het begin voelde het onzinnig, maar het werkte.
  • Gedachten uitdagen: David noemde het 'rationele antwoorden' vinden. Is het echt waar dat ik nu ga winnen? Of is dat gewoon de verslaving die spreekt?

Het was geen rechte lijn. Ik had terugvallen, kleine momenten dat ik bijna weer instapte. De paniek sloeg dan toe. Maar dan pakte ik de tools die ik had gekregen. David was daar. Mijn zus, die nu wist wat er speelde, steunde me. Langzaam, heel langzaam, werd het lichter. Die rust die ik nu voel, die is onbetaalbaar. Het kostte bloed, zweet en tranen, maar het was elke seconde waard.

Zal een gokker ooit veranderen?

De echo van de jackpot, een fluistering in de leegte van de tijd, kan een gokker gevangen houden in een cyclus, een eeuwigdurende jacht op die ene winst die de stilte mag verbreken. De uren worden dagen, dagen tot jaren, terwijl de hoop, een fragiel vlindertje, steeds weer opvliegt, slechts om neer te strijken op een volgende weddenschap.

En dan, de ademloze stilte, een moment van kalmte, een adempauze in de maalstroom. Dit is de remissie, een zacht golven van de zee na de storm, waar de schreeuwende inzet plaatsmaakt voor een deken van rust. Maar deze rust is vaak als ochtenddauw, vluchtig en teer, verdwijnend bij het eerste, aarzelende licht.

  • De wens tot verandering is reëel, een gloed die kan oplaaien. Soms lijkt het alsof de wereld van kleur verandert, de felle lichten van het casino dimmen tot een zachte gloed van een nieuwe dageraad. De drang naar het spel wordt gedempt, als een ver verwijderde melodie.

  • Maar de wortels van het compulsieve gokken reiken diep, dieper dan menigeen beseft. Ze houden zich vast aan de donkere bodem van de ziel, en zelfs in de lichtste periodes, sluimert de kracht om weer te ontwaken, om de greep te verstevigen, de oude driften weer te wekken.

  • Zonder hulp, zonder het anker van professionele begeleiding, is de terugval bijna een zekerheid. Het is als proberen een woeste rivier met handenkracht te stoppen; de stroming is te sterk, de druk te hoog. De terugkeer naar het spel is dan niet een vraag van 'of', maar van 'wanneer'.

De kans op permanente verandering, zonder de hand van genezing die de ziel omarmt, is een droom die in nevelen vervaagt. De herinnering aan de spanning, de adrenaline, de vluchtige triomf – het blijft een lokroep, een schaduw die de horizon blijft bespelen.