Hoe kan je snel aankomen in korte tijd?

50 weergaven
Snel en gezond aankomen? Verhoog je calorie-inname met voedzame keuzes. Ga voor calorierijke toppers zoals noten, gedroogd fruit en volle zuivel. Denk aan amandelen, dadels, volle melk en kaas. Zo voeg je eenvoudig extra calorieën toe aan je dieet voor een verantwoorde gewichtstoename.
Reactie 0 vind-ik-leuks

Hoe kun je snel en gezond aankomen in gewicht en spiermassa?

Q: Hoe kun je snel en gezond aankomen in gewicht en spiermassa? A: Verhoog je calorie-inname met voedzame producten.

Q: Welke gezonde producten helpen om snel aan te komen? A: Noten (amandelen, cashewnoten), gedroogd fruit (dadels, rozijnen) en vetrijke zuivel (volle melk, kaas, room).

Man, dat gevecht om wat kilo’s erbij te krijgen, dat ken ik zo goed. Je voelt je een beetje iel, een beetje futloos soms, en je wil gewoon die spiegel eens aankijken en denken: "Ja, dit is lekker, hier zit body in." Ik weet nog, ik stond daar vorig jaar oktober, in de sportschool in Utrecht, en ik dacht: zo kan het niet langer. Er moest iets veranderen.

Het sleutelwoord, zo ontdekte ik na veel proberen, is eigenlijk simpel: meer eten. Meer calorieën erin dan eruit gaan, ja zo simpel is het echt.

En dan bedoel ik niet zomaar meer eten, maar slim eten. Ik ben helemaal fan geworden van noten, serieus. Die zak gemengde noten die ik elke week bij de Albert Heijn op het Janskerkhof haalde, voor een eurootje of zes, die was binnen no-time leeg. Amandelen, cashews, pecannoten – die gooide ik echt overal doorheen. Door m'n yoghurt 's ochtends, als snack tussen de middag, gewoon een handjevol. Ze zitten vol met goede vetten en calorieën, je merkt gewoon hoe je lichaam er blij van wordt. En de energie die het geeft, geweldig.

Gedroogd fruit, ook zo’n ontdekking. Rozijnen, dadels... het voelt als snoepen maar dan nuttig.

Echt, ik kocht zo’n kilopak dadels in de Turkse supermarkt op de Kanaalstraat, weet je wel, die met die bakken vol spullen, voor nog geen vijf euro. Dan nam ik er gewoon vier, vijf na m'n training op een woensdagmiddag, ergens in maart. Je krijgt een suikerboost, maar het zijn natuurlijke suikers, en je voelt meteen dat je je glycogeenvoorraden weer aanvult. Het vult ook goed, zonder dat je je helemaal volgepropt voelt.

En zuivel, volle varianten dan hè, is ook een topper.

Die volle melk, daar begon ik elke ochtend mee. Gewoon een flinke mok, samen met m’n havermout. Of die volvette kwark, vaak als avondsnack, lekker met wat honing en diezelfde noten. Ik herinner me nog dat ik rond mei vorig jaar zo’n kilo Griekse yoghurt bij de Lidl haalde, kostte bijna niks, en dat was een vaste prik geworden. Kaas, ook, een paar plakjes extra op je brood, of een blokje als tussendoortje. Die calorieën stapelen zo lekker op zonder dat je je overvol voelt.

Het zit hem echt in die kleine aanpassingen die samen een groot verschil maken.

Wat is de snelste manier om aan te komen?

De snelste manier om aan te komen? Stop met rondrennen als een kip zonder kop en begin met eten als een koning die de loterij heeft gewonnen.

Voor een rustig tempo, alsof je een schildpad bent met een lichte eetstoornis, plak je er 300 tot 500 calorieën per dag bovenop je normale inname.

Wil je echt meters maken? Jezelf opblazen als een praalwagen voor carnaval? Ram er dan 700 tot 1000 extra calorieën per dag in. Niet lullen, maar vullen.

Onthoud wel, die hele calorieën-rekenarij is meer een soort nattevingerwerk. Het is geen exacte wetenschap, meer een wilde gok. Jouw lijf is geen rekenmachine, het is een eigenzinnig stuk vlees met een eigen wil.

Hoe je dat dan flikt, vraag je? Nou, luister naar ome Jan.

  • Eet vaker, joh. Je maag is geen museum, die moet aan het werk. Behandel je lichaam als een houtkachel en gooi er elke 2-3 uur een blok op. Zes keer per dag iets naar binnen schuiven is het minimum.
  • Drink je spek. Water is voor de vissen. Jij gaat aan de volle melk, smoothies waar een lepel rechtop in blijft staan, en chocomelk waar een Zwitserse koe een minderwaardigheidscomplex van krijgt.
  • Vetten zijn je vrienden. En dan niet dat je de frituurpan moet leegdrinken. Denk aan noten, avocado's, pindakaas, en een extra scheut olijfolie over alles. Ja, alles. Ook over je ijs. Probeer maar.

Mijn neef Bertus was ook zo'n spriet. Hij kon een papieren vlieger zijn bij windkracht 4. Nu eet hij elke avond voor het slapen een bak volle kwark met een halve pot pindakaas erdoorheen. Hij is nu een wandelende bitterbal. En gelukkig.

De heilige drie-eenheid van het aankomen:

  • Pindakaas: Smeer het op je brood, op een banaan, op een andere lepel pindakaas. Eet het rechtstreeks uit de pot terwijl je 's nachts voor de koelkast staat en je levens-keuzes overdenkt.
  • Noten: Een handjevol noten is voor amateurs. Jij eet een zak. Een hele zak. Het is je nieuwe vorm van popcorn tijdens een film.
  • Olie: Die scheut olijfolie door je salade? Doe er twee. Of drie. Het is vloeibaar goud voor je groeimissie.

Waar kom je snel en veel van aan?

Soms is aankomen moeilijker dan afvallen. Iedereen heeft het altijd over diëten, over minder. Maar wat als je juist meer nodig hebt. Om sterker te worden. Het is een stille strijd, een die niet veel mensen begrijpen. Je eet, maar het voelt alsof het verdwijnt.

Hier zijn de dingen die echt helpen. Geen rotzooi, maar gewoon... dichte voeding.

  • Extra vierge olijfolie (823 kcal/100 gram)
  • Amandelpasta (609 kcal/100 gram)
  • Pesto (450 kcal/100 gram)
  • Granola (408 kcal/100 gram)
  • Witte rijst (344 kcal/100 gram)
  • Hummus (331 kcal/100 gram)
  • Gedroogd fruit (274 kcal/100 gram)
  • Zalmfilet (220 kcal/100 gram)

Die olijfolie... dat is de makkelijkste. Een extra scheut over je pasta, je salade, zelfs door je soep. Niemand die het ziet. Het voegt gewoon gewicht toe, stil en onzichtbaar. De goede, koude persing. Die is het beste.

Amandelpasta, of pindakaas, maakt niet uit. Een lepel zo uit de pot. Ja, echt. Soms 's avonds, als niemand kijkt. Het is romig en vult dat lege gevoel een beetje. Goed op een banaan, ook. Dat deed ik vaak. Banaan met een dikke laag pasta.

Pesto is zo gek. Zo groen en het lijkt zo licht. Maar het is olie, kaas, noten. Ik doe het overal doorheen. Een klodder door de rijst of op een stukje kip. Het maakt alles beter. En zwaarder.

Granola is een valkuil voor mensen die willen afvallen. Voor ons is het goud. Met volle Griekse yoghurt. Niet de magere. De echte, vette. Een kom daarvan in de ochtend... en je begint de dag al met een voorsprong.

Witte rijst. Zo simpel. Makkelijker te verteren dan de volkoren variant, dus je kunt er meer van eten. Het is gewoon een basis, een leeg doek om calorieën op te stapelen met saus, met olie, met vis.

Hummus... met Turks brood, niet met een cracker. Dat zachte brood absorbeert de hummus en de olie. Je blijft dippen. Het is sociaal, maar het is ook gewoon een makkelijke manier om zonder nadenken veel binnen te krijgen.

Gedroogde abrikozen en dadels. Klein, zoet, makkelijk mee te nemen. Maar ze zijn zo dicht. Een handjevol is bijna een kleine maaltijd. Ik had altijd een zakje in mijn tas. Voor die momenten tussendoor.

Zalm. Vette vis. Mijn oma zei altijd dat het goed was voor je hersenen. Het voelt ook goed. Het is niet leeg, het is voedend. Een gebakken stuk zalm met de huid... dat vet is belangrijk. Het is meer dan alleen aankomen. Het is jezelf voeden. Echt voeden.

Waar kom je als eerste aan?

Waar val je als eerste af? Nou, je lichaam is een soort stiekeme gastheer die besluit welke gasten (vetcellen) het eerst mogen vertrekken. En verrassing! Je valt meestal eerst af aan je ledematen. Denk aan je armen, je benen – die plekken waar het vet zich vaak minder 'strategisch' heeft genesteld. Alsof je lichaam zegt: "Oké, die kleine logés zijn makkelijk uit te zwaaien."

Maar dan... ah, de echte strijd begint. Voor mannen is de buik vaak het laatste bastion van vet. Dat buikvet, ja, dat kleeft als een overijverige ex die weigert te vertrekken.

En bij vrouwen? Daar houden de heupen en dijen het vaak het langst vol. Die lijken soms wel een geheime schatkamer die haar deuren weigert te openen. Erg handig voor de evolutie, blijkbaar, minder voor die strakke spijkerbroek.

Maar niet getreurd, mijn dierbare vetverbrander! Je bent geen speelbal van het lot alleen. Je kunt dit proces, tot op zekere hoogte, een beetje sturen. Zie het als fluisteren tegen je lichaam in plaats van schreeuwen.

  • Hormoonbalans: De dirigent van je vetorkest.
    • Denk aan cortisol (stresshormoon) dat zegt: "Ho, ho, niet zo snel met dat buikvet!" Het is een slimme manier om energie op te slaan voor "noodsituaties" – zelfs als die noodsituatie gewoon je deadline is.
    • Insuline en oestrogeen spelen ook hun eigen symfonie. Een beetje zoals die vervelende buren die besluiten hun muziek op standje elf te zetten, precies als jij wilt relaxen. Het herstellen van een gezonde hormoonbalans is cruciaal. Soms betekent dit minder stress, meer slaap, en slimmer eten, niet minder.
  • Specifiek trainen: De chirurgie zonder mes.
    • Nee, je kunt niet "spot-reducen" – anders zouden we allemaal met één gespierde bil rondlopen terwijl de andere nog in winterslaap is. Dat is een fabeltje, hoe verleidelijk het ook klinkt.
    • Maar krachttraining helpt wel degelijk om je algehele vetverbranding te optimaliseren en spieren op te bouwen. Meer spieren betekent een actievere oven in je lijf, die meer calorieën verbrandt, zelfs als je Netflix kijkt.
    • Gerichte oefeningen kunnen de spieren onder het vet sterker maken, waardoor de contouren mooier worden. Je pakt het vet niet direct aan, maar je maakt de 'verpakking' eronder wel mooier. Het is als een cadeaupapier verwijderen van een prachtig geschenk, in plaats van proberen het papier te krimpen.

Dus, ja, die ledematen zullen de eerste zijn die je gedag zeggen. Maar met een beetje slimme aanpak – hormonen op orde, spieren aan het werk – kun je de rest van het vet wat vriendelijker overtuigen om ook zijn biezen te pakken.

Misschien niet in de volgorde die jij voor ogen hebt, maar hey, wie zijn wij om de evolutie tegen te spreken? Dat is een strijd die je niet wint, tenzij je een superheld bent. En zelfs dan... zou Spiderman zijn buikvet ook kwijtraken? Een diepe gedachte voor de volgende keer dat je gaat sporten.