Welke drie vormen van onrechtmatigheid kent art. 6 162 BW?

13 weergave
Artikel 6:162 BW onderscheidt drie vormen van onrechtmatigheid: inbreuk op een recht, handelen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht, of handelen of nalaten in strijd met maatschappelijke zorgvuldigheid.
Opmerking 0 leuk

De drie vormen van onrechtmatigheid in artikel 6:162 BW

Artikel 6:162 van het Nederlands Burgerlijk Wetboek (BW) definieert onrechtmatigheid als een inbreuk op een recht, handelen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht, of handelen of nalaten in strijd met maatschappelijke zorgvuldigheid.

Inbreuk op een recht

De eerste vorm van onrechtmatigheid is het schenden van een subjectief recht. Dit zijn rechten die aan een bepaald persoon toekomen, zoals het eigendomsrecht, het recht op privacy of het recht op eer en goede naam. Een inbreuk op een recht kan bijvoorbeeld bestaan uit diefstal, belediging of laster.

Handelen of nalaten in strijd met een wettelijke plicht

De tweede vorm van onrechtmatigheid is het overtreden van een wettelijke verplichting. Dit zijn wettelijke regels die algemeen gelden en niet alleen aan een bepaald persoon zijn geadresseerd. Voorbeelden van wettelijke plichten zijn de plicht om belasting te betalen, de plicht om verkeersregels na te leven of de plicht om als ouder te zorgen voor een kind.

Handelen of nalaten in strijd met maatschappelijke zorgvuldigheid

De derde vorm van onrechtmatigheid is het schenden van de maatschappelijke zorgvuldigheid. Dit is een ongeschreven norm die aangeeft wat van een persoon in een bepaalde situatie redelijkerwijs kan worden verwacht. Maatschappelijke zorgvuldigheid hangt af van verschillende factoren, zoals de aard van de activiteit, het te verwachten risico en de ernst van de mogelijke schade.

Voorbeelden van handelingen die in strijd kunnen zijn met maatschappelijke zorgvuldigheid zijn:

  • Te hard rijden
  • Niet op een afgelegen parkeerplaats parkeren zonder maatregelen te nemen tegen diefstal
  • Een afspraak missen zonder de andere partij tijdig in te lichten

Het is belangrijk op te merken dat de drie vormen van onrechtmatigheid niet altijd strikt gescheiden zijn. Zo kan een inbreuk op een recht tegelijkertijd een overtreding van een wettelijke plicht zijn. Denk bijvoorbeeld aan het rijden door rood licht, dat zowel een inbreuk is op het eigendomsrecht van de eigenaar van de auto als een overtreding van de Wegenverkeerswet.