Hoe lang mag een sociale huurwoning onbewoond zijn?

161 weergaven
Na zes maanden onbewoning kan de verhuurder, gesteund op artikel 7:213 BW, de huurovereenkomst ontbinden. De verhuurder kan dan stellen dat de bewoner zich niet als een goed huurder gedraagt door de woning onnodig lang leeg te laten staan. De precieze termijn hangt echter af van de specifieke omstandigheden.
Reactie 0 vind-ik-leuks

Hoe lang mag een sociale huurwoning onbewoond zijn?

In Nederland mag een sociale huurwoning over het algemeen niet langer dan zes maanden onbewoond zijn. Na deze termijn kan de verhuurder de huurovereenkomst ontbinden op basis van artikel 7:213 BW.

Grondslag voor ontbinding

Artikel 7:213 BW bepaalt dat een verhuurder de huurovereenkomst kan ontbinden als de huurder zich niet als een goed huurder gedraagt. Het leeg laten staan van een woning voor een langere periode wordt beschouwd als een vorm van slecht huurderschap. De verhuurder kan stellen dat de huurder zijn of haar verplichting om de woning te gebruiken niet nakomt.

Specifieke omstandigheden

De precieze termijn waarbinnen een sociale huurwoning onbewoond mag zijn, hangt echter af van de specifieke omstandigheden. In sommige gevallen kan de verhuurder al eerder ontbinden, terwijl in andere gevallen een langere termijn acceptabel is. Factoren die hierbij een rol spelen, zijn onder meer:

  • De reden voor de onbewoondheid (bijvoorbeeld ziekte, verhuizing naar het buitenland)
  • De duur van de onbewoondheid
  • De beschikbaarheid van alternatieve woonruimte voor de huurder
  • De impact van de onbewoondheid op de woning en de buurt

Gevolgen van ontbinding

Als de verhuurder de huurovereenkomst ontbindt, moet de huurder de woning verlaten. In sommige gevallen kan de huurder nog bezwaar maken tegen de ontbinding of een beroep doen op een andere regeling, zoals de hardheidsclausule.

Tips voor huurders

Om te voorkomen dat de verhuurder de huurovereenkomst ontbindt, is het belangrijk voor huurders om:

  • De woning zo snel mogelijk opnieuw te betrekken
  • De verhuurder op de hoogte te stellen van de reden voor de onbewoondheid en de verwachte duur
  • Alternatieve woonruimte te zoeken als de woning voor een langere periode onbewoond zal zijn
  • Regelingen te treffen voor het onderhoud en de controle van de woning tijdens de onbewoondheid