Wat zijn de correcte vervoegingen van houden?

167 weergaven
De werkwoordsvormen van houden zijn: ik hou/houd, jij houdt, hij houdt, wij houden. Inversie: hou ik, houdt je broer. Voor jij als onderwerp: hou je/houd je, waar houd jij? Gebiedende wijs: hou op! Verleden tijd: ik hield, jij hield, hij hield, wij hielden. Verleden deelwoord: gehouden.
Reactie 0 vind-ik-leuks

De Vervoegingsvormen van het Werkwoord "Houden"

Het werkwoord "houden" is een onregelmatig werkwoord in het Nederlands, wat betekent dat de vervoegingen afwijken van de standaardregels. De correcte vervoegingen zijn als volgt:

Tegenwoordige tijd

  • ik hou/houd
  • jij houdt
  • hij houdt
  • wij houden
  • jullie houden
  • zij houden

Inversies

  • hou ik
  • houdt je broer
  • houden ze?

Je/U-vormen

  • hou je/houd je
  • waar houd jij?

Gebiedende wijs

  • hou op!

Verleden tijd

  • ik hield
  • jij hield
  • hij hield
  • wij hielden
  • jullie hielden
  • zij hielden

Voltooid deelwoord

  • gehouden

Voorbeelden van gebruik

  • Ik hou van chocolade.
  • Hou je van voetbal?
  • Hij houdt zijn beloftes.
  • Wij houden een feestje.
  • Hou op met dat gepraat!
  • Vroeger hield ik van dansen.
  • De deur werd gehouden door de ober.