Hoeveel vijven mag je halen?

63 weergaven
Om je vwo-diploma te behalen, moet je gemiddeld een 6 of hoger scoren op je centraal examens. Een enkele 5 voor een kernvak is toegestaan. Daarbovenop mag je maximaal twee onvoldoendes in je eindcijfers hebben, mits je de andere vakken compenseert met voldoende hoge cijfers. Dit zorgt ervoor dat je totale prestatie boven de voldoende grens blijft.
Reactie 0 vind-ik-leuks

Hoeveel vijven mag je halen voor je VWO-diploma? De subtiliteiten van de cijferberekening

De vraag hoeveel vijven je mag halen voor je VWO-diploma is niet zo eenvoudig te beantwoorden als een simpel getal. Het hangt namelijk af van een combinatie van factoren: het type vak (kernvak of profielvak), het aantal onvoldoendes en de cijfers op de overige vakken. De simpele regel "een gemiddelde van een 6 of hoger" is slechts het topje van de ijsberg. Laten we dieper duiken in de nuances.

De meest cruciale factor is de aanwezigheid van een kernvak. Een enkel cijfer 5 voor een kernvak wordt over het algemeen geaccepteerd. Dit betekent niet dat je ermee wegkomt; je andere cijfers moeten dan wel uitzonderlijk goed zijn om het gemiddelde op te krikken. Twee vijven voor kernvakken zijn vrijwel altijd onvoldoende. Voor profielvakken is de situatie flexibeler, hoewel een hoog gemiddelde altijd noodzakelijk is. Twee of meer vijven voor profielvakken, gecombineerd met een 5 voor een kernvak, zullen het behalen van je diploma zeer waarschijnlijk onmogelijk maken.

Een ander belangrijk aspect is het aantal onvoldoendes. Het reglement staat maximaal twee onvoldoendes toe, mits deze gecompenseerd worden door hoge cijfers op andere vakken. Twee vijven voor profielvakken kunnen dus nog haalbaar zijn als de rest van je cijfers (zeker op de kernvakken) hoog genoeg zijn. Drie of meer onvoldoendes, ongeacht de verdeling over kern- en profielvakken, leiden vrijwel zeker tot het niet behalen van je diploma.

Het is dus niet het aantal vijven op zich, maar de combinatie van vijven en onvoldoendes en de prestaties op de overige vakken die bepalend zijn. Een leerling met één 5 voor een kernvak en verder alleen achten en negens heeft een veel grotere kans op slagen dan een leerling met drie vijven, zelfs als die laatste geen onvoldoendes heeft. De berekening is complex en houdt geen rekening met een simpel aantal vijven, maar met de totale gewogen gemiddelde score.

Kortom, er is geen magisch getal aan vijven dat je mag halen. Focus je niet op het tellen van vijven, maar op het behalen van zo hoog mogelijke cijfers op alle vakken. Een veilige strategie is natuurlijk het voorkomen van vijven zoveel mogelijk, maar met een strategische benadering en voldoende hoge cijfers op andere vakken, is een enkele vijf voor een kernvak mogelijk nog te compenseren. Raadpleeg bij twijfel altijd je docent of decaan voor een persoonlijke beoordeling van je situatie.