Hoe vorm je de stam bij regelmatige werkwoorden op ir?

48 weergaven
Regelmatige werkwoorden op -ir vormen hun stam door simpelweg de -ir van het infinitief te verwijderen.
Reactie 0 vind-ik-leuks

Stamvorming bij Regelmatige Werkwoorden op -ir

In het Nederlands vormen werkwoorden die eindigen op -ir hun stam door simpelweg de -ir te verwijderen van het infinitief. Dit geldt voor alle regelmatige werkwoorden op -ir.

Voorbeeld:

  • Infintief: lezen
  • Stam: lees-

Andere Voorbeelden:

  • Infintief: schrijven

  • Stam: schrijf-

  • Infintief: bellen

  • Stam: bel-

  • Infintief: lachen

  • Stam: lach-

Gebruik van de Stam

De stam wordt gebruikt om de tegenwoordige, toekomende en onvoltooid verleden tijd van het werkwoord te vormen.

Tegenwoordige tijd:

  • Je leest een boek.
  • Hij schrijft een brief.
  • Wij bellen onze vrienden.

Toekomende tijd:

  • Ik zal lezen een boek.
  • Jij zult schrijven een brief.
  • Zij zullen bellen hun vrienden.

Onvoltooid verleden tijd:

  • Ik las een boek.
  • Hij schreef een brief.
  • Wij belden onze vrienden.

Onthoud:

De stam wordt gevormd door de -ir van het infinitief te verwijderen. Alle regelmatige werkwoorden op -ir volgen deze regel.