Hoe vorm je de stam bij regelmatige werkwoorden op ir?
Stamvorming bij Regelmatige Werkwoorden op -ir
In het Nederlands vormen werkwoorden die eindigen op -ir hun stam door simpelweg de -ir te verwijderen van het infinitief. Dit geldt voor alle regelmatige werkwoorden op -ir.
Voorbeeld:
- Infintief: lezen
- Stam: lees-
Andere Voorbeelden:
-
Infintief: schrijven
-
Stam: schrijf-
-
Infintief: bellen
-
Stam: bel-
-
Infintief: lachen
-
Stam: lach-
Gebruik van de Stam
De stam wordt gebruikt om de tegenwoordige, toekomende en onvoltooid verleden tijd van het werkwoord te vormen.
Tegenwoordige tijd:
- Je leest een boek.
- Hij schrijft een brief.
- Wij bellen onze vrienden.
Toekomende tijd:
- Ik zal lezen een boek.
- Jij zult schrijven een brief.
- Zij zullen bellen hun vrienden.
Onvoltooid verleden tijd:
- Ik las een boek.
- Hij schreef een brief.
- Wij belden onze vrienden.
Onthoud:
De stam wordt gevormd door de -ir van het infinitief te verwijderen. Alle regelmatige werkwoorden op -ir volgen deze regel.
- Wanneer gebruik je grana padano?
- Welke producten zijn vrijgesteld van btw?
- Wie is er vrijgesteld van btw?
- Wat valt er onder 0% btw?
- Wie is de eigenaar van een bedrijfswagen?
- Wie heeft recht op een bedrijfswagen?
- Hoe lang duurt het voordat water in je blaas zit?
- Hoe lang niet plassen voor volle blaas?
- Kan je afvallen door minder te drinken?
- Hoe betrouwbaar is een MRI-scan?
Reageer op het antwoord:
Bedankt voor je feedback! Je reactie helpt ons enorm om de antwoorden in de toekomst te verbeteren.