Hoe vervoeg je werkwoorden op ir type finir?

105 weergaven
Werkwoorden van het type *finir* eindigen op -ir, worden als *finir* vervoegd en hebben een voltooid deelwoord op -issant. De ‘nous’-vorm in de tegenwoordige tijd (indicatif présent) eindigt kenmerkend op -issons. Deze kenmerken onderscheiden ze van andere -ir werkwoorden.
Reactie 0 vind-ik-leuks

Hoe vervoeg je werkwoorden van het type "finir"?

Werkwoorden van het type "finir" worden gekenmerkt door de volgende eigenschappen:

  • Eindigen op -ir
  • Worden vervoegd als "finir"
  • Hebben een voltooid deelwoord op -issant
  • De 'nous'-vorm in de tegenwoordige tijd (indicatif présent) eindigt op -issons

Voorbeelden van werkwoorden van het type "finir":

  • Finir (afmaken)
  • Choisir (kiezen)
  • Réussir (slagen)
  • Punir (straffen)
  • Bénir (zegenen)

Vervoeging

De vervoeging van werkwoorden van het type "finir" verschilt van die van andere -ir werkwoorden in de indicatif présent. In de 'nous'-vorm eindigen ze op -issons in plaats van -ons.

Indicatif présent

Persoon Eenvoud Meervoud
Je finis finissons
Tu finis finissez
Il/Elle/On finit finissent
Nous finissons -

Overige tijden

In de overige tijden worden werkwoorden van het type "finir" vervoegd als reguliere -ir werkwoorden.

Voltooid deelwoord

Het voltooid deelwoord van werkwoorden van het type "finir" wordt gevormd door -issant toe te voegen aan de stam van het werkwoord.

  • Finir -> finissant
  • Choisir -> choisissant
  • Réussir -> réussissant
  • Punir -> punissant
  • Bénir -> bénissant

Voorbeelden

  • Je finis mes devoirs. (Ik maak mijn huiswerk af.)
  • Nous choisissons un film. (Wij kiezen een film.)
  • Elle réussit son examen. (Zij slaagt voor haar examen.)
  • Ils punissent les enfants. (Zij straffen de kinderen.)
  • Vous bénissez le repas. (Jullie zegenen het eten.)