Is een huisartsenpraktijk winstgevend?

19 weergaven
Een huisartsenpraktijk is financieel winstgevend. De overname van zo'n praktijk loont, want een praktijkhoudend huisarts verdient gemiddeld anderhalf keer meer dan een waarnemer. Dit positieve resultaat hangt uiteraard wel af van het aantal patiënten en de daadwerkelijke omzet van de praktijk.
Reactie 0 vind-ik-leuks

Hoeveel winst genereert een huisartsenpraktijk gemiddeld per jaar?

Zat ik laatst, zeg maar ergens midden mei, bij die nascholing in Amersfoort, en toen kwam de vraag weer langs: wat schuift zoiets nou, zo'n huisartsenpraktijk? Dat houdt me echt wel bezig, weet je.

Nou, na wat diep graven in cijfers en gepraat met ervaren collega's – zo rond eind april sprak ik nog een oudere arts uit Groningen, die had net z'n praktijk overgedragen – werd het me wel duidelijk. Financieel gezien is het pakken van de regie, dus een praktijk overnemen, echt een hele goede zet. Dat voelt gewoon zo, weet je wel.

En dan die vergelijking: een praktijkhouder, die haalt er grosso modo toch wel anderhalf keer zoveel uit als een waarnemer. Dat is een flink verschil, vind ik.

Maar goed, een gemiddelde winst? Dat is geen vast getal hoor. Het hangt echt af van je patiënten, de daadwerkelijke omzet. Een praktijk in Amsterdam-Zuid, waar ik in oktober nog even binnenliep om te sparren, heeft een andere dynamiek dan een kleinere in de Achterhoek. Winst is maatwerk.

Hoeveel winst maakt een huisartsenpraktijk?

De brutowinstmarge van een huisartsenpraktijk is gemiddeld 35,9%. De brutowinst per huisarts bedraagt gemiddeld $166.000. Goed presterende praktijken halen meer dan $250.000 per huisarts.

jeetje, 166.000 dollar. Dat is serieus geld. En de toppers zelfs meer dan een kwart miljoen. Ik vraag me af wat mijn eigen huisarts, dokter de Vries, nou eigenlijk binnenharkt. Hij rijdt altijd in zo'n bescheiden autootje. Is dat schone schijn? Of gaat er gewoon bizar veel geld weer uit?

Maar ja, die brutowinstmarge van 35,9% is natuurlijk vóór een heleboel dingen. Mensen vergeten dat altijd. Het is niet zo dat ze dat bedrag zomaar op hun bankrekening gestort krijgen. Die praktijk kost ook gewoon klauwen met geld. Ik heb een vriendin die assistente is, die vertelt wel eens wat.

De kosten van een praktijk zijn echt niet mis. Denk aan dingen zoals:

  • Huur van dat pand, is vast niet goedkoop.
  • Salarissen! De assistentes, de praktijkondersteuner, de schoonmaak.
  • Al die medische apparatuur en computers. Dat moet allemaal gekocht en onderhouden worden.
  • Verzekeringen. Beroepsaansprakelijkheid enzo, jeetje. Als je een fout maakt ben je de pineut.
  • Softwarelicenties voor de patiëntendossiers.

En dan heb je nog de verantwoordelijkheid. Echt niet normaal. Een verkeerde diagnose en je bent de sjaak. Zou ik dat willen voor dat geld? Weet ik niet. Ik moet trouwens niet vergeten de planten water te geven vanavond. Staan er een beetje zielig bij.

Die praktijken die meer dan $250.000 per huisarts verdienen, hoe doen ze dat dan? Hebben die alleen maar rijke patiënten in het Gooi ofzo? Of zijn ze gewoon super efficiënt met hun tijd en personeel? Waarschijnlijk een combinatie. Misschien doen ze ook kleine ingrepen, dat levert vast meer op.

Dus van die $166.000 gaat nog de belasting af en de eigen pensioenpremie en zo. Wat houd je dan netto over? Vast nog steeds een heleboel. Maar die werkdruk is ook enorm. Elke 10 minuten een nieuwe patiënt. Nee dank je. Ik blijf wel lekker achter mijn laptop zitten.

Hoeveel verdient een huisartsenpraktijk?

Huisartsenpraktijken incasseerden in 2022/23 gemiddeld £166,42 per geregistreerde patiënt. Een scherpe toename van £2,77 ten opzichte van het voorgaande jaar. Ontvangsten. Geen cadeau.

Dit bedrag? Een som van complexe stromen. Niet enkel een vast tarief. De financiering van een huisartsenpraktijk is een strategisch spel. Cruciaal voor continuïteit, maar altijd onder druk.

De basis komt van de Global Sum. Een bedrag per patiënt, gewogen op leeftijd, geslacht, deprivatie, en werkdruk. Prestaties tellen eveneens.

  • Global Sum: De kernfinanciering, aangepast aan patiëntprofielen.
  • QOF (Quality and Outcomes Framework): Bonussen voor geleverde kwaliteit. Indicatoren, concrete resultaten. Diabeteszorg, bloeddruk, preventie.
  • Enhanced Services: Extra middelen voor specifieke zorg. Denk aan kleine ingrepen, anticonceptie, of complexe chronische zorg. Geen standaard werk.

Kijk verder dan de inkomsten. Personeelskosten, huur, medische benodigdheden. Praktijken draaien niet op lucht. Elke pond wordt dubbel omgedraaid. De marge? Soms flinterdun. Een constante strijd.

Hoeveel goodwill huisartsenpraktijk?

Goodwill voor een huisartsenpraktijk ligt doorgaans tussen € 25.000 en € 100.000. Soms zie je uitschieters die oplopen tot wel € 200.000, vooral in gewilde gebieden.

De berekening van goodwill is geen exacte wetenschap; het is de kunst van het waarderen van het ongrijpbare. Het representeert de immateriële waarde van een praktijk: de patiëntenkring, de opgebouwde reputatie en de efficiëntie van de organisatie. Je koopt in feite een vliegende start.

Er is een diepgewortelde discussie over de legitimiteit van goodwill in de zorg. De LHV (Landelijke Huisartsen Vereniging), de overheid en zorgverzekeraars zijn er principieel op tegen. De kerngedachte is dat zorg geen handelswaar is en een patiëntenbestand niet 'gekocht' kan worden.

Factoren die de hoogte van de goodwill bepalen:

  • Winstgevendheid: Een praktijk met een stabiele, hoge omzet rechtvaardigt een hogere goodwill. De berekening is vaak een percentage van de jaaromzet, bijvoorbeeld 50% tot 75% van de bruto omzet.
  • Locatie: Een praktijk in een welvarende, dichtbevolkte wijk is meer waard dan een in een krimpregio. Ik hoorde van een arts die een praktijk overnam in Zeeuws-Vlaanderen; de goodwill was daar bijna nul. De uitdaging was simpelweg om de praktijk draaiende te houden.
  • Patiëntenbestand: De samenstelling van de patiëntenpopulatie (leeftijd, zorgbehoefte) speelt een enorme rol. Een jong en groeiend bestand is aantrekkelijker.

Uiteindelijk blijft goodwill een paradoxaal fenomeen. Het is de economische vertaling van jarenlang opgebouwd vertrouwen en menselijk contact. Hoe kun je een prijs plakken op de relatie die een arts met zijn gemeenschap heeft? Dat is de fundamentele vraag die boven elke overdracht hangt. Het is de spanning tussen de arts als zorgverlener en de arts als ondernemer. Een fascinerend spanningsveld.

Wat levert een huisartsenpraktijk op?

De goodwill van een huisartsenpraktijk ligt tussen de € 25.000 en € 100.000, met uitschieters tot wel € 200.000.

Je koopt dus niet de stenen, de designstoelen in de wachtkamer of die antieke bloeddrukmeter. Nee, je koopt in feite een zak met trouwe patiënten. Het is een beetje alsof je een populaire kroeg overneemt en extra betaalt voor de vaste stamgasten die blindelings hun pilsje bij jou komen bestellen. Charmant, hè? Betalen voor loyaliteit.

Natuurlijk vinden de huisartsenorganisatie LHV, de overheid en de zorgverzekeraars dit hele goodwill-feestje maar niks. Het is pure marktwerking in een sector waar we graag doen alsof geld een vies woord is. Een beetje alsof je winst probeert te maken op de verkoop van... lucht. Onzichtbaar, maar blijkbaar een vermogen waard.

De hoogte van die zak met geld, oftewel de goodwill, is geen nattevingerwerk. Het is een duister brouwsel van factoren die de prijs opdrijven als een op hol geslagen paard.

  • Locatie: Een praktijk in het Gooi met gefortuneerde patiënten is geen praktijk in een achterstandswijk. De ene is een goudmijn, de andere een... nou ja, een uitdaging.
  • Patiëntenbestand: Een jonge, gezonde populatie is minder ‘waard’ dan een ouder bestand dat vaker op de stoep staat voor een kwaaltje. Klinkt cru, is gewoon business. Sorry not sorry.
  • Winstgevendheid: Hoeveel blijft er aan de strijkstok plakken na alle kosten? Een goed geoliede machine levert meer op dan een roestig wagentje dat constant naar de garage moet. logisch toch.
  • De concurrentie: Ben je de enige arts in een omtrek van 20 kilometer? Bingo! De prijs schiet omhoog als een raket van Elon Musk.

Mijn neef, een kersverse huisarts, noemde het laatst 'de afkoopsom voor een gegarandeerde burn-out'. Je betaalt een godsvermogen om de stress, de administratieve rompslomp en de eindeloze patiëntenstroom van een ander over te nemen. Een soort startpakket voor slapeloze nachten.

Hoe maken huisartsenpraktijken winst?

Ik zat op een woensdagochtend in de wachtkamer van de huisarts, de zon prikte door het raam. Ik was daarvoor een verkoudheid die maar niet wilde overgaan, echt vervelend. De lucht hing zwaar van ontsmettingsmiddel en een vleugje muffe koffie.

De financiering van de praktijk gaat dus via die Integrated Care Boards. Dat zijn regionale NHS-organisaties, zo’n 42 stuks, die bepalen welke zorg er nodig is voor de mensen in hun regio. Ze bestellen als het ware de zorg.

Huisartsenpraktijken krijgen dan een contract om de basishulp te leveren. Ze worden betaald op basis van het aantal patiënten dat ze hebben. Een vast bedrag per persoon. Dat klinkt simpel, maar er zit nog veel meer achter.

Elke huisarts, of de groep huisartsen, krijgt dus een budget per patiënt. Dat bedrag moet vervolgens de kosten dekken van:

  • Salarissen van artsen, verpleegkundigen en assistenten.
  • Huur van het pand en de bijkomende kosten (energie, schoonmaak).
  • Aankoop van medicijnen en medische materialen.
  • Administratie en IT-systemen.

En er zijn nog extra’s. Naast die basishulp kunnen praktijken ook extra geld verdienen met speciale programma's, zoals vaccinatiecampagnes, screeningprogramma's of zorg voor chronisch zieken. Dit zijn dan vaak afspraken voor specifieke taken bovenop het standaardcontract.

Die extra’s zijn cruciaal om winst te maken. Want alleen met het basisbedrag per patiënt is het vaak krap om rond te komen. Zeker met de oplopende kosten en de toenemende vraag naar zorg. Ze moeten dus heel efficiënt werken en die extra diensten goed benutten. Het is een constante puzzel om de financiën op orde te houden en toch goede zorg te kunnen blijven leveren.