Wat vertel je een slachtoffer om hem gerust te stellen?

0 weergave

Rust, veiligheid, hulp.

  • Oogcontact, rustige stem.
  • Ik ben [naam], eerstehulpverlener.
  • Nabijheid: knielen, hand vasthouden.
  • Alles komt goed, ik help je.
  • Rustige, beheerste lichaamstaal.
Opmerking 0 leuk

Pff… Stel je voor, iemand ligt daar, helemaal van de wereld. Wat zeg je dan? Hoe zorg je dat die angst, die paniek, een beetje wegtrekt? Ik weet nog die keer met die fietser, gevallen vlak voor mijn neus. Hart in mijn keel. Wat een chaos in mijn hoofd! Maar ik wist: ík moest rustig blijven.

Die blik in zijn ogen… Vergeet ik nooit meer. Alsof hij in een bodemloze put staarde. Dus ik ging op mijn hurken zitten, keek hem recht aan. Probeerde die rust, die ik zelf eigenlijk helemaal niet voelde, over te brengen. “Rustig maar,” zei ik, met zo’n zachte stem als ik kon opbrengen. “Ik ben er, ik ben Marieke, en ik ga je helpen.” Misschien een beetje cliché, maar wat zeg je anders op zo’n moment?

Die hand… Koud en klam. Ik pakte ‘m vast. Niet te stevig, gewoon… er zijn. Een klein gebaar, maar ik hoopte dat het hem een beetje houvast gaf. “Alles komt goed,” fluisterde ik. En ik meende het ook echt, ook al wist ik natuurlijk niet zeker of dat wel zo was. Je moet toch íets zeggen, toch?

Ik probeerde in ieder geval mijn eigen onrust te verbergen. Geen wilde armgebaren, geen gezucht of gesteun. Want paniek werkt aanstekelijk, weet je wel? Ik las ergens dat je lichaamstaal bijna net zo belangrijk is als wat je zegt. Iets met spiegelneuronen, of zoiets. Klinkt ingewikkeld, maar het is eigenlijk heel logisch. Als jij rustig bent, wordt de ander dat misschien ook.

Die hele situatie… Het was best heftig. Maar op de een of andere manier… Door er gewoon te zíjn, door te laten zien dat hij er niet alleen voor stond… denk ik dat ik toch iets heb kunnen betekenen. En dat geeft… ja, dat geeft een goed gevoel.